Hapklaar Arabisch
Leer Arabisch lezen en schrijven aan de hand van een klein beetje woordenschat en grammatica

Hoofdstuk 7

Op deze pagina vind je audiomateriaal dat overeenkomt met Hoofdstuk 7 van Hapklaar Arabisch, verdeeld in nieuwe letters en tekens, vocabulaire en geselecteerde oefeningen (7-C, 7-D, 7-E, 7-F en 7-K).

Nieuwe letters en tekens

In dit hoofdstuk worden de volgende letters geïntroduceerd. Je kunt op de naam van de letter klikken om de uitspraak te beluisteren.

raa’
EindvormMiddenvorm BeginvormGeïsoleerd
ـر ـر ر ر
zaay
EindvormMiddenvorm BeginvormGeïsoleerd
ـز ـز ز ز
taa’ marbuuṭa
EindvormMiddenvorm BeginvormGeïsoleerd
ـة ة

Vocabulaire

Hieronder staan de nieuwe woorden die in dit hoofdstuk worden geïntroduceerd. Je zult ze moeten kennen om de oefeningen in de volgende hoofdstukken te kunnen maken. Klik op het woord om ernaar te luisteren.

كَبِير kabiir ‘groot’
وَجْبَة wajba ‘maaltijd’
مَدِينَة madiina ‘stad’
ثَلاثَة thalaatha ‘drie’
ماذا maadhaa ‘wat’
أَيّ ’ayy ‘welk’
رَجُل rajul ‘man’
اِمْرَأَة / المَرْأَة ’imra’a / ’al-mar’a ‘vrouw’
زَوْج / زَوْجَة zawj / zawja ‘echtgenoot, echtgenote’
يُرِيد yuriid ‘willen’

Met de letters raa’ en zaay kun je nu de volgende vrouwennamen lezen:

زَيْنَب zaynab ‘Zeinab’
مَرْيَم maryam ‘Maryam, Marie’

En je kunt ook een aantal namen lezen die in de basisvorm mannennamen zijn en die vrouwennamen worden wanneer er een taa’ marbuuṭa aan wordt toegevoegd:

نَبِيل nabiil ‘Nabil’
نَبِيلَة nabiila ‘Nabila’
أَمِين ’amiin ‘Amin’
أَمِينَة ’amiina ‘Amina’
مُنِير muniir ‘Munir’
مُنِيرَة muniira ‘Munira’

Oefeningen

Hieronder volgt een selectie van de oefeningen uit dit hoofdstuk: 7-C, 7-D, 7-E, 7-F en 7-K.

Oefening 7-C. Hier zijn een aantal onbekende woorden die een daal, een raa’ of beide bevatten. Kun je ze uitspreken?

1.
نُور
2.
أَرْنَب
3.
مُدَرِّس
4.
رُوح
5.
نُرِيد
6.
مُدَوَّر

Exercício 7-D. De volgende woorden bevatten een daal, een dhaal, een raa’ of een zaay of een combinatie van deze letters. Spreek ze allemaal uit.

1.
يَذْكُر
2.
بِذْر
3.
زَيْت
4.
دَيْن
5.
مَخْبَز
6.
ذَنْب

Oefening 7-E. Lees de volgende zinnen voor en vertaal ze. Soms is het bijvoeglijk naamwoord mannelijk en soms vrouwelijk. Misschien wil je de nieuwe woorden die in dit hoofdstuk zijn geïntroduceerd nog eens doornemen voordat je begint.

1.
هذه الوَجْبَة لذيذة.
2.
ذلك البيت جميل.
3.
يَدَك كبيرة.
4.
ذلك الجبن لذيذ.
5.
تلك المرأة جميلة.
6.
منير ولد كبير.

Oefening 7-F. Lees de volgende zinnen over echtgenoten en echtgenotes hardop en vertaal ze.

1.
هذا زَوْجِي.
2.
أَيْنَ زَوْجَتَك؟
3.
أنا زَوْج نُهى.
4.
زَوْجَة مَحْمُود هُناكَ.
5.
تلك المَرْأَة زَوْجَتِي.
6.
زَوْج مُنى من الكُوَيْت.
7.
هذه المَرْأَة زَوْجَتُه.
8.
مِن أَيْنَ زَوْجَتَك؟
9.
زَوْجِي مِن هُنا.

Oefening 7-K. Lees de volgende zinnen voor en vertaal ze.

1.
واحد، اثنان، ثلاثة
2.
لا أُحِبّ هذا الكَباب.
3.
هذه الوجبة لذيذة.
4.
أنا مِن الكويت وَزَوْجَتي مِن ليبيا.
5.
مَن يحب هذا الجُبْن؟
6.
رَجُل واحِد وَامْرَأَة واحِدَة
7.
أَيّ ولد يحب هذا البَيْت؟
8.
أَبو زَيْنَب يريد ذلك الكتاب.
9.
زَوْج أَمِينَة يحب ذلك الدُّكّان.
10.
مَن تُـحِبِّيـن؟ أُحِبّ أحمد.